Gedrag en Communicatie

Op deze pagina vindt u alle templates met betrekking tot gedrag en communicatie

MDBB – model

Het Meerdimensionaal-Belasting-Belastbaarheidsmodel (MDBB model) kan een kijk geven op de oorzaak en het aanblijven van (pijn)klachten (1). Dit model zegt dat iedere persoon een bepaalde hoeveelheid belasting te verduren krijgen (dit kan fysieke belasting zijn, maar ook psychosociale, denk bijvoorbeeld aan stress). Hoe goed iemand met deze belasting om kan gaan, hangt af van de belastbaarheid. Hoe hoger deze is, hoe beter iemand met een bepaalde belasting om kan gaan. Bij veel mensen met een stressvolle of een fysiek zware baan kan het nog wel eens voorkomen dat de belasting te hoog is voor wat iemand aan kan. In dit geval is de kans zeer aanwezig dat er (pijn)klachten ontstaan. De template, die hierboven te downloaden is, kan hulp bieden bij de uitleg aan uw patiënt over de link tussen de ervaren klachten en de belasting en belastbaarheid van uw patiënt. 

Fear – Avoidance model

Het fear avoidance model is een model die uitlegt wat er gebeurt bij mensen met bewegingsangst. Dit model wordt vaak gebruikt bij mensen met inadequate cognities en angst voor bewegen, die beweging vermijden als gevolg van hun klachten.
 

In de praktijk komt het vaak voor dat mensen minder gaan bewegen als gevolg van pijn.  Niet adequate kennis, cognities en angst hebben hier een grote bijdrage aan (3). Veel mensen komen zo in een vicieuze cirkel terecht waarna de klachten niet meer vanzelf over zullen gaan. In de template staan twee cirkels weergegeven die op elkaar aansluiten: de rechter laat zien wat de ideale situatie is, de linker cirkel laat de situatie bij mensen met beginnende bewegingsangst, wat vaak voorkomt bij mensen met aanhoudende lage rugpijn.

In de praktijk zien we vaak dat patiënten door pijn minder gaan bewegen. Een groot aandeel hierin is van het ontbreken van kennis over de klachten. Patiënten denken dat er schade ontstaat, wanneer ze gaan bewegen. Deze cognities zorgen voor bewegingsangst. Er wordt een link gelegd tussen beweging, pijn en schade. Als gevolg van deze cognities daalt het beweegniveau van patiënten en wordt de drempel om te gaan bewegen steeds hoger. Het is belangrijk deze cirkel te doorbreken, aangezien bewegen juist een van de belangrijkste behandelmethodes is van lage rugpijn (3).

Model van Selye

Een belangrijk model die hand in hand gaat met het MDBB model is het stress model van Selye. Dit model beschrijft hoe een patiënt omgaat met een ‘stressor’. Zodra iemand met een stressor wordt geconfronteerd, zal degene de alarmfase ingaan. Het lichaam krijgt een prikkel binnen die het evenwicht verstoort. Vervolgens reageert het lichaam op die prikkel en vecht hier tegen, zodat het lichaam weer in de oude staat terug komt. Dit is de weerstandsfase. Hoe goed iemand dit kan heeft te maken met de weerbaarheid van deze persoon, ook wel de belastbaarheid genoemd. Als degene meer belastbaar is, kan die meer stressoren aan. Als een stressor te lang aanhoudt, er te veel zijn of iemands belastbaarheid gedaald is, dan kan het zijn dat het lichaam niet langer het evenwicht kan herstellen en dan kom je terecht in de uitputtingsfase (2).

Bovenaan de pagina kunt u de template over het model van Selye downloaden.

Persuasive by Design model

Veel mensen kunnen, ondanks goede intenties en motivaties, hun gedrag niet altijd veranderen. Dit heeft natuurlijk gevolgen voor het wel of niet succesvol zijn van een fysiotherapeutische behandeling, zeker bij mensen met chronische klachten. Het optimaliseren speelt bij veel chronische aandoeningen een cruciale rol in de ervaren gezondheid en de kwaliteit van leven.

Om patiënten aan te sturen op gedrag, kan er gebruik worden gemaakt van het persuasive by design gedragsmodel; een model dat helpt te klinisch redeneren naar wat er nodig is voor gedragsverandering. Zo kan per patiënt op maat een therapie worden samengesteld die bij hem of haar past. In dit model wordt met 5 gedragslenzen gekeken naar principes van menselijk gedrag en hoe deze te beïnvloeden zijn:

  • Gewoontes en impulsen: automatisch en onbewust gedrag. Er kan gebruik worden gemaakt van ‘nudging’ om gewenst gedrag onbewust op te roepen of juist ongewenst gedrag te verminderen. Dit helpt bij het opstellen van doelen voor het bereiken van het nieuwe gedrag. 
  • Weten en vinden: kennis en attitudes t.o.v. het doelgedrag. Wat is de kennis van de patiënt en de kijk op de klacht, kan dit verandert worden door educatie? Dit geeft inzicht in wat voor educatie er nodig is en waarop deze gericht moet zijn.
  • Zien en beseffen: het (zelf)monitoren van gedrag. Mensen hebben vaak geen goed beeld van hun eigen gedrag. Er is directe feedback nodig en daarnaast kennis van gedrag en klachten (zoals hierboven beschreven). De relatie tussen feedback en het doel moet duidelijk worden gemaakt. Ook moet het doel haalbaar zijn, dit werkt vaak motiverend; de patiënten beseffen dan dat ze het best kunnen.
  • Willen en kunnen: wat zijn de kansen en obstakels bij het doelgedrag? Motivatie leidt tot betere resultaten en betere resultaten leiden vaak tot wat meer motivatie. Ook kijk je hier naar de drempels voor het uitvoeren, kun je deze wegnemen? Daarnaast werkt het vaak om gedrag te koppelen aan een sociale context.
  • Doen en blijven doen: het daadwerkelijk uitvoeren van het doelgedrag. Er zijn vaak onvoorziene obstakels die het uitvoeren en volhouden van gedrag in de weg kunnen staan. Het is belangrijk deze te identificeren en hier mee om te gaan.

Je kunt hiermee de persoonlijke, of interne, factoren van het ICF invullen. Daarnaast ook een deel van de externe: barrières vanuit de omgeving, kansen voor activiteit in de omgeving, mensen die kunnen helpen (familie, zorgverleners, sportcoaches, etc.) (4).

 

Referenties

  1. Bernards A.T.M., Hagenaars L.H.A., Oostendorp R.A.B., Wams H.W.A. Het meerdimensionale belasting-belastbaarheidsmodels: een conceptueel model voor de fysiotherapie. Ned T voor Fysiother 1999;109(3):58-65
  2. Selye, H, (1976). The Stress of Life (rev. edn.). New York: McGraw-Hill
  3. Lethem J, Slade PD, Troup JD, Bentley G. Outline of a Fear-Avoidance Model of exaggerated pain perception–I. Behav Res Ther. 1983;21(4):401–408. doi:10.1016/0005-7967(83)90009-8
  4. S. Elbers, S. Hermsen, M. Bloemen, R.J. Renes, H. Wittink; Gedragslenzen, theorie en toepassing. Fysiopraxis (2018), www.kngf.nl/fysiopraxis